Virtualisatie
Met behulp van virtualisatie kan men meerdere applicaties, inclusief de onderliggende besturingssystemen op één fysieke server plaatsen. De hardware van één fysieke server wordt verdeeld over meerdere virtuele machines.
Iedere virtuele machine beschikt hierbij over zijn eigen uniforme configuratie, waarbinnen het besturingssysteem met bijbehorende applicaties wordt geïnstalleerd. Doordat de configuraties volledig van elkaar zijn geïsoleerd wordt het mogelijk om meerdere servers onder te brengen op één fysieke server. Er wordt een zogenaamde "virtualisatielaag" tussen de hardware en de virtuele machines geplaatst. Daarmee wordt de unieke situatie gecreëerd dat de software wordt "losgekoppeld" van de onderliggende hardware.
De virtuele machines "zien" geen hardware componenten van de fysieke server, maar virtuele hardware, welke wordt aangeboden door de virtualisatielaag. De virtuele hardware is identiek op alle servers, ongeacht de onderliggende hardware. Daarom kan een virtuele machine eenvoudig van de ene fysieke server naar een andere verplaatst worden, ook als de fysieke server hardware verschilt van de oorspronkelijke en zelfs terwijl de virtuele machine door blijft draaien.